Parasja·Project

39 · Choekat Chukat

Bemidbar · 1 documenten van u1 Dokumente von Ihnen

Uw originele tekst · onbewerkt Ihr Originaltext · unbearbeitet
5770 39abc CHOEKAT 1 Voor alle niveaus midrasjiem en verhalen 16 06 2010 R Evers.doc · 3.151 woordenWörter

Geachte ouder.

In plaats van de parsjiot met plaatjes. stuur ik je nu een aantal midrasjiem waarvan ik denk. dat je er op elk niveau voor de kinderen iets uit kunt halen.

Veel succes.

Rabbijn R. Evers

CHOEKAT

DE RODE KOE

De rode koe is al vele eeuwen een raadsel. zelfs voor de grootste bollebozen. geleerden en filosofen. Koning Sjelomo. die drie boeken van Tenach – Kohelet. Prediker. Misjlee. Spreuken en Sjier hasjiriem. Hooglied geschreven heeft en elke mitsva op 3000 manieren kon uitleggen – riep over de rode koe uit: ”Hier kan ik niet bij! Dit gaat mijn begrip te boven”.

De Tora zegt zelf duidelijk. dat de mitsva van het besprenkelen van onreine mensen met de as van de rode koe om hen te reinigen. een onbegrijpelijke wet is: “Omdat de Satan en de volkeren van de wereld Israël plagen door te zeggen: ‘Wat betekent dit gebod. welke reden bestaat daarvoor?’. Daarom schrijft de Tora daarbij ‘choeka’.

Dit wil namelijk zeggen: het is een besluit van Mij. jullie hebben geen recht om daarover na te denken en op grond van jullie eigen oordeel te beslissen of het goed is of niet. Mijn besluit is daarboven verheven. zegt Hasjeem.”

Onbetaalbaar

Een rode koe was heel zeldzaam. Het Sanhedrien. 70 grote Rabbijnen. gingen eens op weg om een rode koe te kopen. Ze boden de boer 400 zilverstukken. Hij ging accoord. De Geleerden zouden de volgende dag met het geld terugkomen. Maar onderwijl had de boer zich bedacht en wilde hij 500 goudstukken. De leden van het Sanhedrien gingen akkoord en zouden de volgende ochtend het dier komen halen.

De boer wist. dat wanneer de rode koe een juk had gedragen. het ongeschikt was als zondoffer. Maar de boer dacht. dat de Rabbijnen van het Sanhedrien dit niet konden controleren. De Geleerden onderzochten het dier de volgende dag voordat zij betaalden.

Een koe. die een juk heeft gedragen. is aan twee kenmerken herkenbaar. Er zijn twee haartjes in de nek. die gebogen blijven wanneer er ooit een juk op gelegd werd. Bovendien kijkt een koe die een juk heeft gedragen een beetje scheel. De Chagamiem. Wijzen zagen direct. dat de koe ooit een juk had gedragen.

“Houdt u de koe maar. wij hebben hem niet nodig”. De boer had vreselijk spijt van zijn bedrog en beroofde zichzelf van het leven.

De rode koe als kappara. verzoening

Alhoewel de para adoema (de rode koe) een onbegrijpelijke mitsva (gebod) is. geeft Rasji hiervoor toch een aantal verklaringen.

De rode koe werd gebracht als verzoening voor het gouden kalf: gelijk de Joden hun gouden neusringen hadden afgelegd voor het kalf van hun eigen bezit. zo zouden zij deze rode koe ook ter verzoening moeten brengen van hun eigen geld.

Het brengen van de rode koe kan men vergelijken met de zoon van een dienares. die het huis van de koning vies gemaakt heeft. Men zegt dan: laat zijn moeder (de rode koe) komen en het vuil van het kind (het gouden kalf) wegruimen.

Zo doet de rode koe kappara. verzoening voor het gouden kalf.

Volmaakt rood. zonder juk

De koe moet rood zijn. vanwege de pasoek “Als jullie zonden heel erg rood mochten zijn. zo wit als sneeuw zullen zij worden” (Jesjaja 1:18).

De koe moet rood zijn omdat ook averot. overtredingen rood worden genoemd. Maar de koe moet ook volledig zijn. Waarom moet hij volledig rood zijn? Omdat het Joodse volk volmaakt moet zijn en door het gouden kalf allemaal gebreken kreeg: “Laat de volmaakte rode koe komen en kappara doen voor de Joden zodat ze weer volmaakt worden”.

De rode koe mocht geen juk gedragen hebben. als tegenwicht voor het slechte gedrag van het Joodse volk. dat het juk van Hasjeem had afgeworpen bij het gouden kalf.

De eerste rode koe moest door Elazar. de koheen. gemaakt worden omdat het Joodse volk zich verzameld had rond Aharon. de Koheen gadol. hogekoheen. om het gouden kalf te maken.

En. verklaart Rasji verder. omdat Aharon het gouden kalf gemaakt had. werd deze dienst van de rode koe niet door hem gedaan: ”want een aanklager. die meegewerkt heeft aan een avera. overtreding. kan geen verdediger worden. is niet de geschikte persoon om als bemiddelaar tot kappara te fungeren”.

Reiniging door de as

De rode koe moest verbrand worden gelijk het gouden kalf uiteindelijk verbrand werd. De koheen neemt daarbij drie soorten: cederhout. hysop en rode wol.

Deze drie soorten staan tegenover de drieduizend man. die stierven als gevolg van het gouden kalf.

De ceder is de hoogste van alle bomen en de hysop het kleinste plantje. Dit is een hint voor de ingebeelde trotsaard. die denkt. dat hij heel wat is. Hij moet zichzelf vernederen als een heel kleine hysop; dan zal hij verzoening krijgen.

Lemisjmeret – ter bewaring

De as van de rode koe moest bewaard worden. Ook dit staat in verband met het gouden kalf. Net zoals de dienst aan het gouden kalf bewaard wordt voor alle latere generaties ter bestraffing en er geen straf is. waarbij niet iets van het gouden kalf afgerekend wordt (hetgeen betekent. dat deze avera (overtreding) nog steeds in subtiele of minder subtiele wijze bij ons is). zo ook moet de as van de rode koe bewaard worden.

En gelijk het gouden kalf allen. die ermee bezig waren. onrein maakte. zo ook maakte de rode koe allen die eraan werkten. onrein.

En net zoals de Bnee Jisra’eel gereinigd werden door de as van het gouden kalf. zoals er in de Tora geschreven staat: “En Mosjé strooide het op de oppervlakte van het water” (Sjemot 32:20). zo zal men voor de onreine mensen nemen van de as van de rode koe. het verbrande chatat. ontzondigingsoffer.

Verhaal: Dama ben Netina woonde in Asjkelon en weigerde eens uit eerbied zijn vader wakker te maken toen de Chagamiem. Geleerden een edelsteen jaspis wilden kopen voor het borstschild van de Koheen gadol in de Tempel.

Als iemand iets goeds doet. krijgt hij daar altijd een beloning voor. Een jaar later werd bij hem een kalf geboren dat helemaal rood was zonder één enkel zwart haartje.

Hoeveel geld kreeg Dama voor dat geheel rode kalf? Precies hetzelfde bedrag dat de Chagamiem hem een jaar eerder wilden geven voor zijn jaspis: duizend goudstukken! Dama werd op deze wijze beloond voor de eer. die hij zijn vader bewees (B.T. Kiddoesjien 31a).

Negen rode koeien

Volgens Maimonides (1135-1204) werden er in de loop van de geschiedenis negen rode koeien gemaakt. totdat de Tempel voor de tweede keer verwoest werd.

De eerste rode koe maakte Mosjé Rabbenoe. de tweede maakte Ezra haSofer (de Schrijver) en de andere zeven rode koeien werden gemaakt vanaf de tijd van Ezra tot de verwoesting van de Tweede Tempel. De tiende rode koe zal gemaakt worden in de tijd van de Masjie’ach.

Lemisjemeret – voor eeuwig bewaard

De as van de rode koe moest opgeborgen worden. niet alleen voor gebruik later maar ook wanneer men dit niet nodig had ten behoeve van het besprenkelen van onreine mensen. om hen te reinigen.

Dit betekent dus. dat van alle rode koeien tesamen het bewaren van de as een algemene en doorlopende mitsva was. Dit was dus niet een verplichting voor elke rode koe afzonderlijk. maar een mitsva. dat er altijd as van minimaal één rode koe moest worden bewaard - lemisjemeret.

MIRJAM OVERLIJDT

Mirjam stierf (20:1). Wanneer tsadikiem overlijden geeft dat kapara (verzoening). Daarom volgt het overlijden van Mirjam op de voorschriften van de rode koe. die ook kappara schenkt.

Sommige Chagamiem stellen dat de dood van grote tsadikiem het slechte afwendt. De rampen treffen ons niet. Maar anderen zeggen dat tsadikiem sterven als gevolg van de misdaden van de mensheid. Hun dood brengt verlichting. De diepere bedoeling is dat wij geïnspireerd raken door hun goede daden. hun chessed. menslievendheid en hun Tora-inspiratie.

De Joden hadden geen water meer omdat met Mirjams dood ook haar bron opdroogde. Het manna viel door de goede daden van Mosje. de Annane kawod. beschermende wolken waren er door Aharon.

Mosje moest een staf nemen maar tegen de rots spreken voor de ogen van het volk. De staf bestond uit twaalf verbonden onderdelen en symboliseerde de eenheid van de 12 stammen. het Joodse volk. Hasjeem zou water geven wanneer gedavvend zou worden voor het hele volk. hoewel er ook veel slechte mensen aanwezig waren. Hasjeem verwerpt een tefilla betsiboer. gemeenschappelijk gebed nooit.

Praten tegen de rots was ook een les voor alle generaties: als iemand zo hard is als een rots moet hij of zij toch eerst met zachte woorden benaderd worden. Werkt dat niet. dan kan een hardere benadering volgen.

Mosje en Aharon riepen alle mensen voor de rots bijeen. Mosje zei tegen het volk: ’Luistert toch. moriem oftewel: weerspannigen. mensen. die altijd tegen anderen in gaan’.

Volgens een tweede verklaring van Rasji is `moriem’ een Grieks woord en betekent het: zij die hun leraren willen leren. Een eigenwijs mens meent. dat hij van niemand meer hoeft te leren. Hij denkt zelfs dat hij anderen de les kan lezen.

Mosje moest tegen de rots spreken maar uiteindelijk sloeg hij de rots. De straf was hard: Mosje en Aharon mogen het land niet binnen.

Wat hadden ze eigenlijk fout gedaan? Misschien moet je de nadruk leggen op ‘voor hun ogen’ (20:8). Mosje moest tegen de rots spreken op een manier die voor iedereen zichtbaar was. zodat iedereen zou inzien dat Hasjeem voor iedereen en alles zorgt. Dat zou zorgen voor een nieuw besef en bewustzijn van Hasjeem in de wereld. Het mislukte echter op een vreselijke manier.

Maar wat ging er eigenlijk mis?

Maimonides zegt. dat de grote avera. de hoofdzonde was. dat Mosje te snel kwaad werd.

Rasji meent echter. dat Mosje en Aharon niet precies deden wat Hasjeem gezegd had.

Abarbanel is van mening dat eerdere zonden van Mosje en Aharon hier meegerekend werden in het besluit dat zij Israël niet zouden zien.

Mosje had al eerder gefaald door de meragliem. de verspieders weg te sturen die terug kwamen met een negatieve beschrijving van Israël.

Aharon had subtiel meegeholpen aan het maken van het gouden kalf. Mosje en Aharon waren niet eerder tot de orde geroepen. Maar hier werd duidelijk dat zij zouden sterven met de hele generatie in de woestijn.

Rabbenoe Chananel meent dat Mosje en Aharon door te zeggen: ‘zullen wij het water voortbrengen’ de indruk wekten dat zij dachten dat zij dat water zelf konden genereren.

Daarom zei Hasjeem later ook dat zij Zijn naam niet hadden geheiligd en geëerd. Door de bestraffing van Mosje en Aharon werd Hasjeems naam geëerd. Het toont dat niemand boven de wet staat. Niemand heeft het recht om te zondigen. Hasjeems naam wordt met name geëerd door degene die Hem het meest nabij zijn (Vajikra 10:3).

AHARON STERFT

In Choekat overlijden Mirjam en Aharon. Aharon was 123 jaar oud. Op de eerste van de maand Av verzocht Hasjeem aan Mosje om Aharon te vertellen. dat zijn tijd voorbij was.

Aharon stierf een `kusdood’. een hele zachte dood. Dit was ook het geval bij Mirjam.

`Neem Aharon en Elazar en breng hen naar boven op de berg Hor. Trek Aharon daar zijn kleren uit en trek ze Elazar aan’. Mosje trok Aharon de acht kleren van de Koheen gadol aan en overtuigde hem van het feit. dat hij heel blij moest zijn. dat hij aan zijn zoon Elazar het hogepriesterschap mocht overdragen: `Ik mag dat niet’. zei Mosje aan zijn broer Aharon. `mijn kinderen zullen mijn functie niet overnemen’.

Aharon ging een grot op de berg Hor binnen. Daar lag een gespreid bed en brandde een lamp. Mosje gaf zijn broer opdrachten: `ga op bed liggen. strek je handen uit. sluit je mond en sluit je ogen’.

Aharon deed wat hem gezegd werd en stierf gemakkelijk: `Hasjeem trok zijn nesjama naar Zich toe zoals men een haar uit de melk trekt’. Aharon overleed gemakkelijk omdat hij geen binding had met deze wereld. het aardse. Wanneer een mens sterk gehecht is aan zijn aardse dingen is de dood veel moeilijker. te vergelijken met het lostrekken van brandnetels. doornen en distels uit schapenwol’.

Bij het sterven ziet de nesjama (ziel) de Sjechiena. de G’ddelijke aanwezigheid. De Zohar (Kabbala) vertelt hierbij. dat de nefesj - het laagste niveau van de ziel - zich pas van het lichaam losmaakt als zij de Sjechiena gezien heeft. Dit doet een intens verlangen ontstaan om in Hasjeems nabijheid te komen en dit leidt tot de dood: `het is als een onweerstaanbare aantrekkingskracht van iets dat als de meest pure vorm van liefde wordt aangevoeld’.

Aharon werd door het hele Joodse volk betreurd omdat hij altijd vrede maakte tussen mensen. die met elkaar vochten. Vele huwelijken had hij op die manier gered. Daarom werd hij door iedereen geliefd. ook door de vrouwen. Rouw is de achterkant van de liefde. Mosje die meer tussen de mannen leefde werd daarom meer door de mannen betreurd toen hij overleed.

Direct na Aharons dood verdwenen de wolken van Hasjeems bescherming en werden zij aangevallen door de Kena’anieten. De Kena’anieten zagen hun kans schoon doordat na Aharons overlijden weer veel mensen ruzie met elkaar kregen. die nu echter niet meer zo eenvoudig opgelost werden door de `sjolemmaker’ Aharon.

Als wij met onze eigen mensen ruzie maken. maakt dat ons kwetsbaar voor vijandigheid van buiten (ook tegenwoordig is dit nog erg actueel).

Aharon bekritiseerde nooit iemand. Hij benaderde iedereen. zelfs slechte mensen met een glimlach. Hij gooide nooit met stenen. Hij zei altijd tegen iedereen goedemorgen.

De reactie van vele slechte mensen was: ‘Hoe kan ik doorgaan met mij te misdragen als dat Aharon verdrietig maakt ?’ Op deze manier bracht hij veel mensen tot tesjoeva en inkeer. niet door kwaad worden of zijn ongenoegen te laten blijken maar met vrede en liefde. Dit was zijn succes. Op deze manier binden wij mensen en stoten we ze niet af.

HET MANNA

“Want er is geen brood en geen water en wij hebben een afkeer van de nietige. lichte eten” (21:5). De Joden klaagden over het Manna. Er volgde een vreselijke plaag `zodat er veel volk stierf’.

Hadden ze eigenlijk wel wat te klagen? Het Manna was wit als korianderzaad. Het smaakte als koek. gebakken met honing.

Zonder speciale wensen smaakte het voor kinderen als melk. voor volwassenen als brood. voor de ouderen als honing en voor de zieken als gerst in olie en honing. Manna had een heerlijke geur. Voor de vrouwen diende het ook als parfum en opmaak.

Iedereen mocht daarvan een omer (ongeveer twee kilo) inzamelen en het moest binnen vierentwintig uur worden gegeten. Zodra de zon erop scheen. begon het te smelten.

Vrijdag werd een dubbele portie ingezameld omdat er op de Sjabbat geen Manna viel. Gedurende de hele woestijnreis aten de Joden het Manna.

Voordat het Manna viel veegde een noordenwind de woestijngrond schoon. Daarna viel er regen en werd het schoongewassen. Vervolgens viel er dauw. dat hard werd door de wind. zodat het kon dienen als de tafel voor het Manna. dat uit de Hemel viel. Dit Manna werd weer bedekt door een tweede laag dauw. om het te beschermen tegen insecten en ongedierte.

Het Manna had opmerkelijke kwaliteiten. Het was in het begin te vergelijken met astronautenvoedsel. Manna werd volledig door het lichaam opgenomen en produceerde geen uitwerpselen. Dit voordeel zagen de Joden in de woestijn als een nadeel: ”Omdat het totaal opgenomen werd in hun lichaam noemden zij het Manna `nietig en licht’.

Zij waren bang. dat het Manna op een bepaald moment zwaar zou worden en zou uitzetten in hun lichaam. Ze hadden nog nooit meegemaakt. dat iemand van eten niet naar de w.c. zou hoeven”. aldus Rasji.

Toen zij zondigden door over de smaak van het Manna te klagen. werd het gelijk normaal voedsel. Maar het Manna had ook grote voordelen; het viel elke dag opnieuw. zodat de Joden het niet hoefden te vervoeren en het vers konden genieten. Omdat zij iedere dag weer bedacht werden vanuit de Hemel. richtten zij hun harten op Hasjeem voor hun dagelijks brood.

Toch bleven de Joden niet tevreden over het Manna. Juist omdat zij steeds afhankelijk waren van deze dagelijkse “Manna-dropping”. voelden zij zich onzeker. Iedere dag weer werden de Joden met hun neus op het feit gedrukt dat zij afhankelijk waren van Boven. van Hasjeem.

Bovendien sloeg de verveling toe. Het Manna had iedere dag dezelfde witte kleur. Het was zeker waar dat men er alles in kon proeven wat men wilde. maar het oog wil ook wat. Men kan wel een heerlijke biefstuk proeven. maar zolang dit niet wordt gezien. smaakt het toch minder. De Joden snakten naar tastbaar voedsel en dat was dit Hemelse Manna-voedsel nu eenmaal niet.

Het moeilijkst te verteren was wellicht het feit dat het Manna ook fungeerde als graadmeter voor je goede gedrag.

Voor de Tsaddiekiem – vrome mensen – viel het Manna in “hapklare brokken” in hun tenten. Minder goede mensen moesten het Manna op verre afstand gaan zoeken; zij moesten het ook nog eens malen en koken. Je relatie met Hasjeem was direct herkenbaar. Aan de afstand en de wijze waarop het Manna viel was voor iedereen het religieuze niveau van zijn buurman zichtbaar.

Toen de profeet Jeremia vele eeuwen later mensen aanspoorde om meer Tora te gaan leren. antwoordden zij: “Hoe kunnen wij onszelf in leven houden. als wij alleen maar Tora leren?”.

De profeet haalde toen het kruikje met Manna uit de Tempel en zei: “Zie wat uw voorouders hebben gegeten als voedsel. toen zij in de woestijn de hele dag de Tora leerden. Ook jullie zullen door Hasjeem worden onderhouden als jullie jezelf meer zetten aan de Tora-leren”.

Toen het erop leek dat de Tempel vernietigd zou worden. werd het kruikje met Manna verborgen. samen met de Aron hakodesj. de Heilige Arke en de sjemen hamisjcha. de zalfolie.

In de tijd van de Masji’ach zal de profeet Elijahoe hanavi al deze dingen weer terugbrengen. Volgens de Talmoed zal in de tijd van de Masjie’ach het Manna weer eten zijn voor de Tsadikiem. Manna was voornamelijk geestelijk voedsel.

Wat was het verband tussen de moeite van het reizen en het Manna. ‘lichte brood’? Volgens Rabbi Chaïm ibn Attar heb je stevige kost nodig voor een vermoeiende reis. Manna was zeer licht verteerbaar en daarom niet voldoende voor een lange tocht.

Aan de grens van het land Edom hadden de Bnee Jisra’eel kennis gemaakt met graan. Ze waren net als kinderen die van de borst af raakten. Ze begonnen brood te eten en de moedermelk was ineens niet meer voldoende.

Anderen verklaarden de klachten tegen het manna uit het feit dat het als astronautenvoedsel geen afval produceerde. dat het lichaam moest verlaten. Het manna was bovennatuurlijk en zij kregen het voor niets. Dat stoorde hen. Zij wilden werken ‘voor de kost’. Op eigen kracht iets verdienen. Daarom noemden ze dit ‘licht brood’. Mensen vinden het onprettig om iets te krijgen; ze willen ervoor werken.

PAGE \* MERGEFORMAT 1

De boektekst (Nederlands en Duits naast elkaar) verschijnt hier zodra hij klaar is. Der Buchtext (Niederländisch und Deutsch nebeneinander) erscheint hier. sobald er fertig ist.

Uw reactieIhre Rückmeldung

Uw tekst wordt tijdens het typen lokaal bewaard en gaat niet verloren. Ihr Text wird beim Tippen lokal gesichert und geht nicht verloren.